Als je in de schoolvakantie de trein naar Leuven neemt, heb je veel kans dat je coupé bezet wordt door een bende kinderen of tieners die op weg zijn naar Walibi in Waver. In Leuven stappen ze dan namelijk over op de trein richting Louvain-La-Neuve, die vlak aan Walibi halt houdt. Als je van Antwerpen komt (zoals ik soms), dan is dat de makkelijkste oplossing.
Ze komen dan gewapend met rugzak vol met lunch en extra droge kleren de coupé binnengestoven op zoek naar plek. Zo herinner ik mij nog levedig een vijftal schoolkinderen, die dolenthousiast in de trein plaats namen. Eén daarvan, Willem genaamd, had een hoop uurschema’s van de NMBS afgedrukt en zat daar verwoed in te bladeren. Jaja, Willem wist de weg. Volgens Willem moest er overgestapt worden in Mechelen, want deze trein reed naar Brussel. Klopte als een bus. Willem keek uit het raampje en controleerde bij elke halte (we zaten op een bommel) de naam van het station. Tot we stopten in Mechelen Nekkerspoel en Willem rechtsprong. Hier ist! En iedereen stromde naar buiten achter Willem aan. Ik kon nog net de laatste aan zijn rugzak tegenhouden om te zeggen dat ze verkeerd waren en dat ze het volgende station, Mechelen, moesten hebben.
Anders had hun reis naar Walibi nog lang geduurd. Heb ze in Mechelen trouwens netjes de trein naar Leuven gewezen.
En zo was het vorige week weer prijs. Een vijftiental van het middelbaar deze keer, maar geen klasgenootjes. Wat hun band was kon ik uit de gesprekken niet afleiden, maar ze deden wel bijna allemaal een technische of beroepsrichting. Over mij drie dames en zwaar aan het afgeven op hun klasgenoten (klasgenoten die niet mee waren, wel te verstaan
):
“Amai, maar die is een slet!”
“Ja, met haar veel te hoge hakken.”
“Ik vind da zo mottig die hakken van tegenwoordig.”
“Ja, en dan met haar kort rokje en haar dikke benen!”
“En maar kauwgom knauwen.”
“En die haar navelpiercing is ook degoutant.”
“Eikes ja, piercings vind ik eigenlijk echt niet mooi.”
“Bwah, pas op. Zo één door u lip kan wel schoon zijn.”
(de twee ander in koor) “Vinde gij da?”
“Ja, maar dat doet veel te zeer om te laten steken.”
Haa, nog normale kinders. In de tijd van tegenwoordig zeldzaam denk ik dan. Zo afgeven op hun klasgenootjes, ze moesten het weten.
En ik, ik heb niet veel in mijn boek gelezen… Kinders. Zo schattig.
Ik word oud.