Jiehaa!
Aankomen op het werk: check.
Pc aanzetten: check.
Ondertussen koffie halen: check.
Mailbox openen: check.
Mail lezen: “We conditionally accept your paper following a modest revision”
Moeha! Negen typfouten verbeteren en mijn paper wordt definitief aanvaard voor publicatie. Sebiet eens terugsturen zie, die handel. Yes!
De laatste loodjes wegen het zwaarst zegt men en dat gaan we stilletjesaan aan den lijve mogen ondervinden. Nog minder dan een jaar en ik zou mijn doctoraat moeten halen. Ik heb nog tijd tot februarie volgend jaar, 10 maanden dus om precies te zijn.
Om alles op tijd klaar te krijgen, hebben we een tijdschema opgesteld dat we zo goed mogelijk gaan proberen aanhouden. Twee papers dienen afgewerkt te worden (puur schrijfwerk), 1 kleinere paper (5 à 10 pagina’s theorie) moet nog geschreven worden en nog 1 onderzoek moet uitgevoerd worden (en daar heb ik al een paar ideeën rond). De laatste dagen zit ik langer dan normaal op bureau en dat zal meer een meer de regelmaat worden.
Je ziet het: de eindspurt is ingezet, so wish me luck!
Misschien vragen er zich een aantal mensen af wat ik nu juist doe op de unief. Wel, ik ben wiskundige van opleiding en doe statistiek (meerbepaald het ontwerpen en testen van modellen voor clusteranalyse) op het departement psychologie.
Als ik aan een artikel aan het werken ben en eerder werk over hetzelfde topic aan het opzoeken ben dan proberen ik steeds zo ver mogelijk terug te gaan in de tijd om te weten te komen wie nu als eerste een bepaald probleem heeft proberen aan te pakken. En zo kan je soms uren papers zitten doornemen op zoek naar verwijzingen naar nog oudere papers. En zo kwam ik deze week uit bij een boek uit het gezegende jaar 1970. In 1970 begonnen de seventies juist - duh - en begon de opkomst van de heerlijk foute en retro motieven en lettertypes. Zo ook het boek dat ik van de week in de bib ging halen:

Seventies’er kan niet meer. En dat al in 1970, toen de seventies nog in hun kinderschoenen stonden…
Jiehaa! Mijn allereerste paper is eindelijk opgestuurd. Na lang ploeteren en zwoegen is ie klaar geraakt en ik heb net naar het tijdschrift Computational Statistics and Data Analysis opgestuurd. *me happy*
Inderdaad, zoals Sheronneke hieronder in de comments zegt, is mijn artikel dus nog niet meteen gepubliceerd. De editor stuurt dat nu uit naar drie reviewers die dan hun commentaar op het artikel mogen geven. Die reviewers zijn proffen of post-doc onderzoekers die in hetzelfde domein werken. Op die mensen hun commentaar is het dus een aantal maanden wachten. Met wat geluk is dat drie maanden, maar meestal schommelt dat rond het half jaar. Die commentaar wordt je dan teruggestuurd door de editor, met de mededeling dat je je paper uiteraard wat moet aanpassen aan de commentaar (of niet en argumenteren waarom) en of hij het daarna zal terugsturen naar de reviewers of niet. Niet is uiteraard beter en sneller
En als je artikel dan uiteindelijk aanvaard is dan duurt het nog even alvorens het uiteindelijk op papier gedrukt is. Efficiënt, toch? 
Zoals ik al een paar posts geleden al zei, ben ik dus wat met distributed computing aan het prutsen hier op het werk. Dat houdt in dat je het werk dat je programma moet uitvoeren, gaat verdelen over meerdere processoren. Een klein voorbeeldje hiervan is dat je een for loop verdeeld over een aantal processoren in plaats van dat je die sequentiëel uitvoert op 1 processor. Ik gebruik het al een tijdje eigenlijk, maar op een vrij naïeve manier. Ik test voor mijn doctoraatsonderzoek statistische algoritmes op kunstmatig gegenereerde datasets. Die datasets bezitten verschillende karakteristieken die allen gevariëerd worden aan de hand van een for loop. Zo zit ik meestal met een zeven tot tien geneste for-loops en dat vraagt allemaal tijd, gigantisch veel tijd. Verdelen over meerder processoren is de boodschap dus. In eerste instantie verdeelde ik de langste for loop over aparte processoren wat al 10 keer sneller ging. Het kan echter ingenieuzer en Matlab heeft er een toolbox voor. Die code postte ik een aantal dagen geleden, maar die ging te graag. Het probleem is dat je Matlab moet opstarten op een login-processor van de processor-cluster om dan het werk naar andere processors te sturen. Op die login-processor krijg je echter maar een half uur CPU tijd en dat vind Matlab niet genoeg (Matlab is echt traag). Bummer. Alles zelf geschreven dan maar. In de binnenste for loop wordt nu telkens een bestand geschreven met daarin alle opdrachten (plus resultaten wegschrijven) die moeten uitgevoerd worden en dat bestand wordt dan in een wachtrij gestoken die het dan uitvoert als er een processor vrij is (yeah, er zit veel volk op onze cluster). Enfin zo heb ik dus 11 CPU dagen (ja, u leest het goed) op 21 uur en een half tijd afgewerkt. Iets meer dan tien keer sneller, maar dat hangt af van hoeveel processors er vrij zijn natuurlijk. Voila, bij deze weet u wat ik in de dag zo allemaal uitspook
Om op de hoogte te blijven van de nieuwste literatuur die er in ons vakgebied verschijnt, heb ik collega en bureaugenoot J. de wonderen der RSS leren kennen. Ik gebruikte het al een tijdje om de belangrijkste literatuur te volgen (omdat we meestal van onze promotor te horen dat we de literatuur wat beter moeten volgen), maar hij nog niet. Ik heb wat aan zijn Thunderbird geprutst deze middag en er een paar tijdschriften ingezet, die hij nu vanuit zijn luie bureaustoel kan volgen. En content dat hij is. “Dju, dat is handig. Kijk! Er is wat nieuws over dat en dat”. “En die update dat automatisch? Cool!”.
Voor zij die het zich interesseert, wij volgen dus nu RSS gewijs de drie onderstaande tijdschriften via RSS. Dat wil zeggen dat we nu rapper dan onze prof zijn, want die krijgt alles nog via de oude post, een half jaar later dan de artikels online verschijnen. Moeha! Ik zal hem binnenkort eens zeggen dat hij toch wat korter op de nieuwe literatuur moet zitten
(Links volgen nog wel, maar moet door nu. Google zal u helpen ;-)? Ik weet niet of jullie die pagina’s kunnen lezen, maar Google is uw vriend 
I was just looking after how to put the end of proof square myself in my Latex document. To put it on the same line as the last one of your proof and all the way aligned to the right (while the text is still left aligned), just type \hfill $\square$. To put it on the next line, type something like \begin{flushright} $\square$ \end{flushright}. I think you could use other commands to produce the square, like \qed or \qedsymbol, but I suspect you will have to use some AMS package.
Interessant bezoek dezer dagen bij ons op het werk. Tijdens de hele paasvakantie hebben we een Portugese gastonderzoekster hier en bij de bio-ingenieurs rondlopen die in dezelfde branche onderzoek doet als ik. Ik was haar al eens tegengekomen op een congres afgelopen zomer, maar toen is praten er niet van gekomen. Gisteren ben ik ermee gaan eten en het was leuk. Interessant gebabbeld en achteraf nog a Belgian Beer gaan drinken. Volgend weekend ga ik haar ook nog wat van Antwerpen laten zien, want daar moet je absoluut geweest zijn natuurlijk
Very nice en zeer goed voor de connecties!